Feuilles Volantes
Hoe gaan we met de woonhuizen van overleden schrijvers om? Moeten ze na de laatste ademstoot van de auteur in ere worden gehouden als een schrijversschrijn, zonder dat er ook maar een inktpot van plaats verandert? Dient het publiek met een rood koord op afstand te worden gehouden? Of moet een eigentijds schrijversmuseum de 21e eeuw binnentreden en plaatsmaken voor publieksbeleving, participatie, interactie en een kunstenaarsdialoog tussen oud en nieuw? Af en toe staan...
De Papieren Man
- Audubons 'Birds of America' onder de hamer
- MatchBoox-collectie breidt razendsnel uit
- Nederland volgend jaar gastland op boekenbeurs van Beijing
- Alberto Manguel haalt zwaar uit naar grote uitgeefconcerns
- Brieven reisschrijver Bruce Chatwin gebundeld
- Resten Anne Frankboom naar musea
- Houellebecq, Nothomb en Despentes op koers voor Prix Goncourt
- 'Het huis van de moskee' van Kader Abdolah krijgt verfilming
- Shortlist Man Booker Prize bekendgemaakt
- Peter Carey nog op shortlist Man Booker Prize
de Reactor
Gedichten
Als Jakob uit zijn schelp kruipt
Mijn boot was schroot. Tot ik de zon op de vistrap zag –
brak in duizend manen. ‘Ik tentakel je wel op.
Nu ben je mijn mantel en mijn kraai, jij babbelaar
maar verliefd zijn en gelijkertijd ook koken – neen.’
Ik: ‘Groot veulen knikte goedendag naar de trein daar
tussen Luik en Leuven. Nar op een beer. Wolkengloed
als goud op blauw. Vuurbal, maar voor webcamkinderen
nergens hout. Verhalenvrouw, kom proeven, hier nog wat
melkwit vlees. In rusthuizen is het puree, puree.’
‘Hou ervan als koeien naar je komen luisteren.
Tongen in een keurslijf, krijg ik landkaartrimpels van.
Neem me in je armen – smelt acht winters in mijn pan.’
Lees meer in hij zal door alles heen groeien.


