Ooit ben ik dus handelaar geweest

Auteur: Sven Vitse

 

Handelaar, heiligevaderindehemeloftewaarook, ooit ben ik dus handelaar geweest, in nucleair goed nog wel, het staat daar zwart op wit, door mij geschreven en verzonden en niets daarvan is er bewaard gebleven in het geheugen.’ Ivo Michiels herleest zijn briefwisseling uit 1960 met Enrico Baj, de Italiaanse voorman van de Arte Nucleare, en blijft hangen aan die ene brief van 30 januari 1960 over de verkoop van een van Bajs werken aan een Belgische klant. De herlezing dwingt tot een vervelende reflectie over esthetiek en economie, eerbied en exploitatie. En die reflectie valt de auteur zwaar.

‘Niet dat het op zichzelf iets schandelijks zou hebben, handelaar te zijn geweest’, bezweert hij zijn opspelende geweten. Het mag niet baten, de wonde ligt open en het zoutvat kiepert er zonder dop of grendel in. Dat hij door het werk van een medeschepper te verhandelen – en daarvoor een commissie van twintig procent te rekenen (‘wat zeer weinig is’) – zichzelf uit de artistieke kring verwijderde en zijn belangeloze band tot een boekhoudkundige relatie deed vergaan. Dat hij ‘opbrengst vermengde met generositeit’, het eigen werk mogelijk maakte door de winst behaald op dat van een ander, dat blijft decennia later steken.

 

Het vervolg van deze tekst lees je in de papieren versie van DW B 2017 3.