Over DW B 2015 3

Verschenen in: Het immateriële
Auteur: Hugo Bousset

Beste lezers, 

 

Het immateriële. Zo heet de focus die Arnoud van Adrichem en Sven Vitse hebben gecomponeerd. Ze noemen de reeks door hen gevraagde teksten een ‘genereuze samenzang’.

Over al wat na de era van de postmoderne ironie opnieuw zonder gêne mag worden genoemd, gevoeld en beschreven: het geestelijke, het virtuele, het metafysische, het ideële. Het immateriële.

 

De samenstellers hebben het niet over een terugkeer van de Grote Verhalen: wie fundamentalisten en nationalisten aan het werk ziet, zou voorwaar heimwee krijgen naar een flinke dosis postmoderne ironie en een stevige scheut deconstructie …

 

Ook waarschuwen ze voor de steeds sluipende commercialisering van de drang naar het immateriële.  Reeds in 1962 waarschuwde Hans Magnus Enzensberger voor de ‘bewustzijnsindustrie’: ze ‘is een monster omdat zij er nooit op uit is zelf iets te produceren maar altijd slechts om het geproduceerde door te geven’. En er munt uit te slaan.

 

Toch doemt er een nieuw type boek op, dat Yves Petry in zijn recente roman Liefde bij wijze van spreken als volgt omschrijft: ‘Hoe opwindend kon een boek zijn dat geen geheim bevatte dat je niet kon kraken, waarvan de geest niet onnavolgbaar was?’