In dit eerste nummer van de nieuwe jaargang van DW B verschijnt literatuur als een lichaam dat niet eenduidig is, maar steeds verandert, reflecteert, twijfelt en herbegint. ‘Lichamen van verzet’ werd gecureerd door kernredacteur Alara Adilow. Als auteur van Somalische afkomst en als trans vrouw benadert zij het lichaam niet louter als abstract concept of metafoor, maar als geleefde werkelijkheid: een plaats waar identiteit, macht en verzet elkaar kruisen. In de door haar verzamelde bijdragen geldt het lichaam als archief van kennis en ervaring, als plaats van conflict en als drager van geschiedenis en toekomst. Het lichaam drukt zich uit in gender en huidskleur, maar evenzeer in ritme, ademhaling en houding. En in literatuur – die op haar beurt als een lichaam werkt: iets wat ons raakt en vormt en permanent betekenis genereert. De bijdragen in deze focus laten zien hoe lichamen zich verhouden tot macht en normering, en hoe breuklijnen ontstaan wanneer een lichaam te kritisch of te afwijkend wordt bevonden binnen de heersende orde. Met deze jaargang zet DW B haar traditie voort als vrijplaats voor experiment en meerstemmigheid, waar nieuwe vormen van literaire en politieke verbeelding zich kunnen ontvouwen. Niet alleen het schrijven vraagt om een lichaam, ook het lezen doet dat.

 

Met bijdragen van Yousra Benfquih, Jarmo Berkhout, Jimena Casas, Lucía Hinojosa Gaxiola, Erwin Jans, Ilse Josepha Lazaroms, Hannah Chris Lomans, Koen Peeters, Alejandra Ortiz, Peter Verhelst en Danielle Vorthuys.


Dit nummer bevat daarnaast nieuw werk van Arnoud van Adrichem, Dirk van Bastelaere, Annemarie Estor, Rozalie Hirs, Peter Holvoet-Hanssen, Peter van Kraaij, Hannah Roels, Willem Thies, Alexander van der Weide en Koen-Machiel van de Wetering.


Bij deze editie:

Presentatie

Lichamen van verzet wordt voorgesteld tijdens een literaire middag in het kader van de M HKA-tentoonstelling ‘we refuse_d’ over conflict en verzet. Met poëzie van Yousra Benfquih en Alara Adilow. 

Zondag 15 maart 15 u

adres:  De Vrièrestraat 36, Antwerpen

Inkom gratis.

Smaakmaker

Erwin Jans en Arnoud van Adrichem schreven een voorwoord bij dit nummer:

'Omdat elk lichaam soms rust en tijd nodig heeft, vroeg Alara ons – twee witte, cisgender heteromannen van middelbare leeftijd – een inleiding bij haar focus
te schrijven. Niet helemaal zonder risico natuurlijk.'

 

Beelden

De tekeningen van Tom Poelmans (1984) in dit nummer zijn een selectie uit het boek A Spirit in Painting (MER Books, 2025), dat verscheen naar aanleiding van de gelijknamige tentoonstelling in de zijgalerij van KIOSK, Gent.  

 

 


Nieuws

Abo-actie

Neem een abonnement op jaargang 2026 en u krijgt het nummer Afgeschreven helden er gratis bij. Voor slechts 60 euro ontvangt u vijf prachtige nummers vol literair talent van jong tot oud en met beelden van aanstormende kunstenaars.

Dit zijn de thema's van jaargang 2026:

  • Lichamen van verzet - curator: Alara Adilow
  • Bloomsday Oostende - curator: Koen Peeters
  • Cartografie - curator: Maarten Inghels
  • Antarctica - curator: Patrick Bassant

@The Untold

Fotoreportage redactievergadering

Aan een DW B-nummer gaat veel werk vooraf. In deze reportage krijgt u een blik op de redactievergadering, waar wordt nagedacht en gediscussieerd over de inhoud van nummers.

 

Podcast over literaire tijdschriften

In De Twintigers bespreken Kas, Martin en Thijs iedere twee weken een literair meesterwerk of een recente roman. Ook het literaire nieuws komt voorbij. En voetballer Kenneth Taylor.

In deze aflevering bespreken ze literaire tijdschriften, waaronder DW B.

 

Literaire kritieken

DW B positioneert zich stevig middenin het literaire debat. Bekijk hieronder de nieuwste literaire kritieken.

Of ik wegliep uit mijzelf. Over H.C. ten Berges 'De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca'

Kan hij die geen schipbreuk heeft geleden wel beweren dat hij heeft geleefd? Anders gezegd: wat is een leven zonder schipbreuk? Het is een vraag die in mij opkomt, terwijl ik in een comfortabele zetel zit en luister naar de persoon tegenover me die vanachter een modieus brilletje vertelt over een olietanker die van Rotterdam naar Zuid-Amerika vaart. Een uiting van hedendaagse globalisatie die zonder de ontdekkingsreizen van de vijftiende en zestiende eeuw ondenkbaar zou zijn geweest. Waar water stroomt, stroomt geld; de wereld der liquiditeit. Maar daar ging het die persoon niet om. Stel, zegt ze in een zeldzaam moment van wat psychologen 'tegenoverdracht' noemen, je stuurt de tanker vanuit Rotterdam slechts één graad opzij, dan komt die ergens heel anders uit dan op de oorspronkelijke bestemming. Dat, zo gaat ze verder, vind ik nou een mooie metafoor voor psychotherapie. Ik, op mijn beurt, weet het niet. Hoe me dat moet helpen een weliswaar lichte, maar langdurige depressie te overwinnen, het is me een raadsel. Dat bijsturen is een ding, alhoewel, wie staat hier eigenlijk aan het roer? En wat nou als die tanker zelf zinkt? Ik voel me juist als had ik schipbreuk geleden, dobberend in de onstuimige oceaan van mijn psyche, waarbij ik haast wanhopig grijp naar enkele ronddrijvende stukken hout. En telkens wanneer ik denk eindelijk grip te hebben, lost het hout op in lucht, een klein wolkje achterlatend.

Lees meer »

De ongekroonde rockster van het Vlaamse theater. Over 'Stuk van mijn leven' van Arne Sierens

Laten we het even hebben over de lamentabele staat van het Vlaamse toneelrepertoire. Verschoning: het Vlaamse toneelrepertoire is very much alive and kicking — het aanbod aan originele theaterteksten die op allerhande scènes worden ontwikkeld en verbeeld, is gigantisch, uitdagend en divers — maar behalve in de beslotenheid van de zaal, in het hier en nu van elke voorstelling, gebeurt er bitter weinig mee.

Lees meer »

Geen baby wist me te vergiftigen. Over 'Hogere natuurkunde' van Ellen Deckwitz

De nachten in de slaapkamer van mijn ouderlijk huis werden getekend door een continue aanwezigheid van een soort ruis. Er was geen moment van de dag dat het niet te horen was. Echte stilte kende ik daardoor niet. Het moet de snelweg zijn geweest, die toch op een behoorlijke afstand lag, maar waarvan het geluid ver droeg boven de velden. En was het niet het verre geraas van auto’s dat ik hoorde, waren het wel de veel te luide kerkklokken of juist het rusteloze getik van de verwarming die de stilte verbraken. Zelfs nu, wanneer ik vanuit Amsterdam terugkeer naar die kamer, in de ijdele hoop er rust te vinden, kom ik bedrogen uit. Het is er vaak onrustiger dan in mijn appartement niet ver van de Wibautstraat. Maar misschien was dat ook wel een zegen. Stel je voor dat het er echt stil was, wat had ik dan wel niet gehoord? Later toen ik het ouderlijk huis verliet en in Eindhoven ging studeren, dacht ik dat het een goed idee was om de muren van mijn kamer te bekleden met geluidsabsorberend schuim. Niet alleen zou het in die zolderkamer erg stil zijn, ik zou er ook eindeloos lawaai kunnen maken op momenten waarop het mij goed uitkwam. En zo ontstonden er enkele uitnodigende knuffelmuren, die er, dacht ik toen, ook nog eens ontzettend cool uitzagen. Maar wat gewonnen werd aan stilte, ging verloren aan licht. Het is misschien wel de kortste route naar diepe somberte. En bovendien, echt stil werd het er nooit: je kon de buurman horen wanneer hij weer eens op genadeloze wijze zijn vrouw afranselde. Tot die ene keer dat je, op weg naar je college, haar zag staan met koffers in de hand. De pijn meedragend, een stilte achterlatend.

Lees meer »

Oneindig veel ruimte en ongebondenheid. Over 'Gloria' van Koen Sels

Het vaderschap is niet bepaald een klassiek thema in de wereldliteratuur. Er zijn natuurlijk heel wat beroemde fictionele vaders, en de conflictstof tussen al dan niet vermaledijde vaders en hun kinderen is zo oud als de literatuur zelf, maar wat het betekent, en hoe het voelt, om vader te zijn – dat is haast onontgonnen terrein. Dat komt, in de eerste plaats, omdat ouderschap, zeker in de eerste levensjaren van het kind, lange tijd (en voor een groot stuk nog steeds) niet als een mannelijke verantwoordelijkheid wordt gezien. Het komt tot uiting in altijd slechts gedeeltelijk ironische bon mots als ‘elke vader moet zijn kind adopteren’, of in de overtuiging dat er geen groter tautologie bestaat dan een afwezige of zwijgende vader. Het heeft er, in de tweede plaats, mee te maken dat schrijvers het ogenschijnlijk over iets anders moeten hebben – over zichzelf, bijvoorbeeld, of over wat ze van het leven verwachten. Eén fantastische uitzondering is het boek Kindergeschichte uit 1981 van de recentste Nobelprijswinnaar Peter Handke, dat behoort tot het beste, en het minst gekunstelde, van wat hij geschreven heeft – het werd in 1985 vertaald door Hans Hom als Kindergeschiedenis.

Lees meer »

Razende stilstand. Over 'Kamers antikamers' van Niña Weijers

Kamers antikamers, de tweede roman van Niña Weijers, voelt als een logische consequentie van haar debuut. Het openingsfragment lijkt zelfs te zijn ontstaan uit een opmerking van een recensent over De consequenties: ‘Een goede roman heeft scènes.’ Weijers vertelt in een kort gesprek met De Groene Amsterdammer1 hoe deze opmerking tot een vraag transformeerde: ‘Wat zijn dat dan, scènes?’ Het is de vraag waarop de prelude van Kamers antikamers – een beschrijving van een vrouw in bad – drijft.

Lees meer »