In dit eerste nummer van de nieuwe jaargang van DW B verschijnt literatuur als een lichaam dat niet eenduidig is, maar steeds verandert, reflecteert, twijfelt en herbegint. ‘Lichamen van verzet’ werd gecureerd door kernredacteur Alara Adilow. Als auteur van Somalische afkomst en als trans vrouw benadert zij het lichaam niet louter als abstract concept of metafoor, maar als geleefde werkelijkheid: een plaats waar identiteit, macht en verzet elkaar kruisen. In de door haar verzamelde bijdragen geldt het lichaam als archief van kennis en ervaring, als plaats van conflict en als drager van geschiedenis en toekomst. Het lichaam drukt zich uit in gender en huidskleur, maar evenzeer in ritme, ademhaling en houding. En in literatuur – die op haar beurt als een lichaam werkt: iets wat ons raakt en vormt en permanent betekenis genereert. De bijdragen in deze focus laten zien hoe lichamen zich verhouden tot macht en normering, en hoe breuklijnen ontstaan wanneer een lichaam te kritisch of te afwijkend wordt bevonden binnen de heersende orde. Met deze jaargang zet DW B haar traditie voort als vrijplaats voor experiment en meerstemmigheid, waar nieuwe vormen van literaire en politieke verbeelding zich kunnen ontvouwen. Niet alleen het schrijven vraagt om een lichaam, ook het lezen doet dat.

 

Met bijdragen van Yousra Benfquih, Jarmo Berkhout, Jimena Casas, Lucía Hinojosa Gaxiola, Erwin Jans, Ilse Josepha Lazaroms, Hannah Chris Lomans, Koen Peeters, Alejandra Ortiz, Peter Verhelst en Danielle Vorthuys.


Dit nummer bevat daarnaast nieuw werk van Arnoud van Adrichem, Dirk van Bastelaere, Annemarie Estor, Rozalie Hirs, Peter Holvoet-Hanssen, Peter van Kraaij, Hannah Roels, Willem Thies, Alexander van der Weide en Koen-Machiel van de Wetering.


Bij deze editie:

Smaakmaker

Erwin Jans en Arnoud van Adrichem schreven een voorwoord bij dit nummer:

'Omdat elk lichaam soms rust en tijd nodig heeft, vroeg Alara ons – twee witte, cisgender heteromannen van middelbare leeftijd – een inleiding bij haar focus
te schrijven. Niet helemaal zonder risico natuurlijk.'

 

Beelden

De tekeningen van Tom Poelmans (1984) in dit nummer zijn een selectie uit het boek A Spirit in Painting (MER Books, 2025), dat verscheen naar aanleiding van de gelijknamige tentoonstelling in de zijgalerij van KIOSK, Gent.  

 

 


Nieuws

Abo-actie

Neem een abonnement op jaargang 2026 en u krijgt het nummer Afgeschreven helden er gratis bij. Voor slechts 60 euro ontvangt u vijf prachtige nummers vol literair talent van jong tot oud en met beelden van aanstormende kunstenaars.

Dit zijn de thema's van jaargang 2026:

  • Lichamen van verzet - curator: Alara Adilow
  • Bloomsday Oostende - curator: Koen Peeters
  • Cartografie - curator: Maarten Inghels
  • Antarctica - curator: Patrick Bassant

@The Untold

Fotoreportage redactievergadering

Aan een DW B-nummer gaat veel werk vooraf. In deze reportage krijgt u een blik op de redactievergadering, waar wordt nagedacht en gediscussieerd over de inhoud van nummers.

 

Podcast over literaire tijdschriften

In De Twintigers bespreken Kas, Martin en Thijs iedere twee weken een literair meesterwerk of een recente roman. Ook het literaire nieuws komt voorbij. En voetballer Kenneth Taylor.

In deze aflevering bespreken ze literaire tijdschriften, waaronder DW B.

 

Literaire kritieken

DW B positioneert zich stevig middenin het literaire debat. Bekijk hieronder de nieuwste literaire kritieken.

Experiment in hyperautofictie. Over 'Oersoep' van Bregje Hofstede

Bij verschijning riep Oersoep, de nieuwste roman van Bregje Hofstede (1988), direct gemengde reacties op. Thomas de Veen deelde in NRC vijf ballen uit, gecharmeerd als hij was van dit ‘weergaloos fysieke en trippy verhaal’, waarin Hofstede uit de doeken doet hoe het voor haar – of eigenlijk haar ik-verteller – was om te bevallen en nadenkt over andere hallucinerende ervaringen (denk: een ayahuascatrip, anale seks) die haar kijk op het leven veranderden. De Veen roemde de manier waarop de schrijver door ‘haar schroom te laten varen en grensoverschrijdend te schrijven, fysiek, grof en goor’ de lezer uitnodigt zich net zo kwetsbaar op te stellen en zich te laten onderdompelen in haar geesteswereld.

Lees meer »

‘De tijd is in beroering en / de slaap is onrustig’. Over 'Krop' van Anne Provoost

In februari 2023 constateert het Nederlandse Outbreak Management Team (OMT) dat de endemische fase van de coronapandemie is aangebroken. Corona is niet langer uitzonderlijk maar ‘hoort erbij’ zoals neusverkoudheid en wintergriep. Ook de Belgische premier Alexander De Croo spreekt over het omslaan van ‘een belangrijke pagina’. De allesoverheersende gezondheidscrisis is voorlopig ten einde. Al snel is corona amper nog onderwerp van gesprek. Wanneer Nieuw-Zeeland afgelopen augustus de laatste maatregelen schrapt, klinkt dat als oud nieuws. We zijn terug naar business as usual, ook al is wat normaal is wezenlijk veranderd.

Lees meer »

Als gespreksstof wederkeren. Over 'Klokgelui' van Leo Pleysier

Heel af en toe hoor ik de kerkklokken in mijn dorp nog wel eens kleppen. In mijn kindertijd waren ze een vaste waarde. Ze riepen de gelovigen op tot viering, beluidden de overledenen en tijdens de goede week vielen ze op door hun stilzwijgende afwezigheid. Nog maar weinigen kennen de finesses van het klokgelui, merkt een van de vele stemmen in Leo Pleysiers jongste op. Klokgelui is een roman van (opnieuw) bescheiden omvang, opgebouwd uit drie delen – BIM, BAM, BIM – waarin een koor van stemmen opgevoerd wordt.

Lees meer »

Maar mevrouw, wat vindt u nu van de Aldi en die oorlog? Over 'De wereldvrede' van Lucas Hüsgen

De van de hak op de tak springende poëzie van John Ashbery (1927-2017) zou direct te maken hebben gehad met zijn geaardheid, vertelde iemand me jaren geleden, of specifieker: het (aanvankelijke) onvermogen om daar open over te praten en te schrijven.[1] Ik had daar toen mijn bedenkingen bij: net van de universiteit af, waar natuurlijk ‘La mort de l’auteur’ op het programma had gestaan, en bij het vak literaire kritiek felle discussies werden gevoerd over biografische achtergronden en de ‘ik’-vorm in besprekingen. Destijds was ik nog een tegenstander van het woord ‘ik’:  subjectief, te onzeker ook wel. Een paar jaar daarvoor was ik begonnen met poëzierecensies te schrijven en behalve dat de redactie aangaf dat ik geen ‘ik’ mocht gebruiken, mocht ik ook geen dingen zeggen als ‘het lijkt erop’ of ‘mogelijk betekent dit gedicht’. Ik – tweedejaars Nederlands – werd toen geacht de expert te zijn. Afijn, dat leek me onzin, Ashbery’s complexe poëzie terugbrengen naar zijn geaardheid. Jaren later begin ik steeds meer voor die lezing te voelen.

Lees meer »

Het proza van de wereld in de vorm van een gedicht. Over 'Bent u nog in Afghanistan?' van Johan Reyniers

‘Ik ben een merk in het diepst van mijn gedachten’. Die opvallende uitspraak laat Johan Reyniers (1968) als motto voorafgaan aan zijn drie pagina’s lange gedicht Merkenalfabet (2020). Daarin brengt hij in elke strofe een bekend commercieel merk ter sprake (Alibaba, Budweiser, Coca-Cola, Disney, Pizza Hut, Twitter, Shell, Yahoo, ...) en zegt er iets anekdotisch over. Op een totaal onpoëtische manier overigens. Bij nader toezien blijkt die ‘anekdote’ vaak een cynisch en/of kritisch commentaar te zijn:

Lees meer »