Nieuwste nummer 

DW B 2026 3 Ruimten rondom

 

Op het eerste gezicht lijken kaarten de wereld feitelijk en neutraal weer te geven. Maar welbeschouwd komt elke kaart voort uit subjectieve keuzes. Wat dat betreft zijn cartografen net verhalenvertellers: zij modelleren de werkelijkheid, lichten bepaalde elementen uit en laten informatie weg die hun verhaal niet direct dient. Diezelfde keuzes sturen onze blik en ontsluiten gebieden die we anders misschien nooit zouden betreden. Dit nummer verkent de blijvende aantrekkingskracht van kaarten, van de meesterwerken van Gerard Mercator, Abraham Ortelius en Joan Blaeu tot hedendaagse cartografische representaties.

Schrijver en beeldend kunstenaar Maarten Inghels fungeert als reisgids. Met Georges Perecs Ruimten rondom als kompas nodigde hij Vlaamse en Nederlandse auteurs uit om te reflecteren op de ruimten waarin we dagelijks leven en bewegen. Hun bijdragen voeren ons onder meer langs handlijnen, cellen, verschuivende kamers, woekerende tuinen, polders, vogelvluchten en zelfs een waterberg.

Bij elke tekst koos Inghels een bijpassende kaart uit de historische deelcollectie Topografie & cartografie van kunststichting The Phoebus Foundation, sponsor van dit nummer. Daarnaast voegden de auteurs eigen kaarten, plattegronden en blauwdrukken toe, waardoor dit nummer de vorm krijgt van een tegendraadse literaire atlas – een atlas die niet alleen de ruimten om ons heen in kaart brengt, maar vooral ook onze eigen binnenwereld.

Met bijdragen van Arnoud van Adrichem, Bob Vanden Broeck, Nikki Dekker, Tülin Erkan, Christophe Van Gerrewey, Dominique De Groen, Astrid Haerens, Sanne Huysmans, Maarten Inghels, Nik Naudts, Soe Nsuki, Anneleen Van Offel, Bart Pluym, Anne-Rieke van Schaik, Chris De Stoop, Max Temmerman, Jeroen Theunissen, Michaël Vandebril, Lotte Lola Vermeer, Wout Waanders en Wim Wauman.

 

Dit nummer kwam mede tot stand dankzij een financiële bijdrage van The Phoebus Foundation; daarvoor onze warme dank.

 


Bij deze editie:

Fotoreportage presentatie

Op 20 september 2026 werd Ruimten rondom voorgesteld tijdens ZuiderZinnen.

Hoofdredacteur Carmien Michels overhandigde het eerste exemplaar, Pauwel Hertmans gaf duiding vanuit The Phoebus Foundation en curator Maarten Inghels presenteerde een literair programma met vier auteurs uit het nummer (Chris De Stoop, Lotte Lola Vermeer, Nikki Dekker en Soe Nsuki).

Daarna hieven we samen het glas op dit prachtige nummer.

Smaakmaker

Erwin Jans en Arnoud van Adrichem schreven het voorwoord van Ruimten rondom:

'Wat vertelt een kaart of plattegrond over de binnenkant van een ruimte, en wat zegt ze over de binnenkant van onszelf ? Is de vraag naar ons waar inderdaad zinvoller dan die naar ons wat?'

 

 

 

Situs Terrae Circulis Coelestibus Circundatae. Hemelkaart van de ptolemeïsche kijk op het heelal waarop de aarde te zien is. Uit: Andreas Cellarius, Harmonia Macrocosmica, 1708. Antwerpen, The Phoebus Foundation

Beelden

Bij elke bijdrage in dit nummer zocht curator Maarten Ingels een passende kaart uit de deelcollectie van
The Phoebus Foundation. De auteurs voegden ook eigen kaarten, plattegronden en blauwdrukken toe.

 

 

 

 

 

Dominique De Groen


Nieuws

Welkom aan onze nieuwe hoofdredacteur Carmien Michels

Carmien Michels volgt Erwin Jans op, die blijft meewerken als auteur of gastcurator.Michels wordt de eerste vrouwelijke hoofdredacteur in 126 jaar, sinds de oprichting van DW B in 1900. We zijn verheugd haar te verwelkomen omwille van haar veelzijdige profiel, verfrissende kijk op het literaire veld en haar sterke gedrevenheid.

Lees meer »

Literaire kritieken

DW B positioneert zich stevig middenin het literaire debat. Bekijk hieronder de nieuwste literaire kritieken.

De gekmakende millennialwereld. Over 'Rustig aan, tijger' van Joost de Vries

Er was, zo leren we van Joost de Vries’ Instagramfeed, bij uitgeverij Das Mag even getwijfeld of dit wel het moment was om Joost de Vries’ Rustig aan, tijger te laten verschijnen. Boekhandels hebben tenslotte te kampen met een flink verlaagde omzet en een boekpresentatie met tout jong schrijvend Amsterdam zat er in deze beperkende tijden ook niet in.            De publicatie van Rustig aan, tijger werd dan ook niet wereldkundig gemaakt met een trits aan glamoureuze foto’s en trillerige beelden van halfdronken speeches, maar met een quarantainefoto op De Vries’ Instagram (@joossieboossie). Met gevouwen handen zit hij aan een tafel, ogenschijnlijk in zijn woonkamer, zijn ogen naar beneden gericht. Schuin voor hem staat een exemplaar van zijn meest recente literaire kind. Een feestelijke bos tulpen ernaast, op de achtergrond vuistdikke boeken van bekende en minder bekende Russen.            ‘Landgenoten!’ staat er onder de foto te lezen. ‘Ik heb een nieuw boek.’ Een boek, zo stelt hij vervolgens, over ‘liefde en ambitie en ijdelheid en het moderne leven’, die, zo merkte presentator Patrick Lodiers in radioprogramma De Nieuws BV op, misschien wel een historische roman genoemd mag worden. Hij dateert tenslotte uit de tijd BC: ‘Before Corona’. De wereld zal nooit meer hetzelfde zijn, is de onderliggende veronderstelling. Opeens, zo merkt De Vries onder zijn Instagramfoto op, voelt Rustig aan, tijger als een tijdsdocument, ‘terwijl het nooit zo aanvoelde toen [hij] het schreef’.

Lees meer »

Afscheid van Cees Nooteboom

‘Afscheid van Cees Nooteboom’. Toen ik dat noteerde, louter bedoeld als kopje boven mijn lectuurglossen bij een nieuwe dichtbundel (of een nieuw gedicht) van Cees Nooteboom, diende zich als uit zichzelf en tot mijn schrik de nogal ongepaste, want ontijdige betekeniscontext van een uitvaart aan. Tegelijkertijd zat juist hierin, zoals spoedig zou blijken, de crux, als ik dat woord in dit verband mag gebruiken, van wat de zesentachtigjarige dichter zelf, als enige die daartoe het recht had, zich voorstelde of probeerde voor te stellen aangaande zijn verscheiden en het al dan niet eindige van zijn einde.

Lees meer »

De man die zichzelf aanviel. Over 'Condities' van Thomas Heerma van Voss

Met Condities, een roman over verval en de vurige wens tot wederopstanding, voegt Thomas Heerma van Voss een nieuwe telg toe aan zijn fictioneel werk. Condities beschrijft de wankele toestand van de protagonist als schrijver, geliefde en zieke. Heerma van Voss geeft in interviews aan dat die ‘conditie’ geïnspireerd is door zijn persoonlijke ziektegeschiedenis, die hij nu omsmeedt tot fictie.

Lees meer »

Het puin ruimen, het ik lijmen. Over Maarten van der Graaffs 'Nederland in Stukken'

Het gaat slecht met de boekhandels, zoveel is duidelijk. De linkerzijde van het politieke spectrum krijgt ook behoorlijke klappen, zeker op wereldschaal. Als je dan een linkse boekhandel bent, niet gericht op winst, maar op ‘het linkse gedachtegoed verspreiden middels boeken, brochures, pamfletten en discussiebijeenkomsten’,[i] ben je tegenwoordig een vogel voor de kat. In 2015 ging de boekhandel de Rooie Rat in Utrecht op de fles, en Maarten van der Graaff kocht er, bij wijze van poëtisch opportunisme, stapels ‘pamfletten, studies en tijdschriften, uit interesse in de politieke taal uit de jaren zeventig, tachtig en negentig’.[ii] Die documenten vormen de grondstof voor de bundel Nederland in Stukken (2020), de opvolger van de bundels Vluchtautogedichten (2013), Dood Werk (2015) en de roman Wormen en Engelen (2017). Gezien de titel zal het je ongetwijfeld niet verbazen dat de centrale vraag van de bundel, dixit de achterflap, luidt: ‘Wat is Nederland?’ Gaandeweg blijkt – gelukkig – dat dat misschien de initiële impuls maar niet het eindpunt van de bundel is.

Lees meer »

Een paradoxaal ziekenhuisverhaal. Over 'Bloed spuwen naar de hematoloog' van Herman Brusselmans

Ik geef het toe: deze bespreking is in feite een experiment. Als een van de weinigen in deze wereld had ik tot enkele weken geleden nog nooit een roman van Herman Brusselmans aangeraakt. Ik kende de man van verhalen, televisieoptredens waarin zijn lange sluike haar zijn bebrilde gezicht grotendeels bedekte, zijn Vlaamse accent genoeg was om de talkshowpresentator in kwestie aan zijn lippen te laten hangen.

Lees meer »

Of ik wegliep uit mijzelf. Over H.C. ten Berges 'De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca'

Kan hij die geen schipbreuk heeft geleden wel beweren dat hij heeft geleefd? Anders gezegd: wat is een leven zonder schipbreuk? Het is een vraag die in mij opkomt, terwijl ik in een comfortabele zetel zit en luister naar de persoon tegenover me die vanachter een modieus brilletje vertelt over een olietanker die van Rotterdam naar Zuid-Amerika vaart. Een uiting van hedendaagse globalisatie die zonder de ontdekkingsreizen van de vijftiende en zestiende eeuw ondenkbaar zou zijn geweest. Waar water stroomt, stroomt geld; de wereld der liquiditeit. Maar daar ging het die persoon niet om. Stel, zegt ze in een zeldzaam moment van wat psychologen 'tegenoverdracht' noemen, je stuurt de tanker vanuit Rotterdam slechts één graad opzij, dan komt die ergens heel anders uit dan op de oorspronkelijke bestemming. Dat, zo gaat ze verder, vind ik nou een mooie metafoor voor psychotherapie. Ik, op mijn beurt, weet het niet. Hoe me dat moet helpen een weliswaar lichte, maar langdurige depressie te overwinnen, het is me een raadsel. Dat bijsturen is een ding, alhoewel, wie staat hier eigenlijk aan het roer? En wat nou als die tanker zelf zinkt? Ik voel me juist als had ik schipbreuk geleden, dobberend in de onstuimige oceaan van mijn psyche, waarbij ik haast wanhopig grijp naar enkele ronddrijvende stukken hout. En telkens wanneer ik denk eindelijk grip te hebben, lost het hout op in lucht, een klein wolkje achterlatend.

Lees meer »